
Cirkels en Stipjes
Cirkels en Stipjes
GEBRUIKELIJK MATERIAAL//BASIC:
Hoe om te gaan met passers info link:
ADD ON!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!!
EXTRA MATERIAAL:
Passers!
Camera Eumig C3
Wattenstaafjes
Papier
Aquarelverf of acrylverf is in het lokaal
Zakdoekjes
Tekenpotloden
Kleurpotloden
BELANGRIJK// Onderstaande documentatie werd recht overgenomen uit verschillende kanalen, met oog op klasgebruik betreffende didactisch materiaal.

Intro
"Oké, iedereen even naar voren kijken.
Vandaag gaan we het hebben over de kracht
van kleine puntjes in een tekening.
Niet lijnen.
Niet vlakken.
Maar punten.
Vroeger, bij de oude meesters, werkte men
vooral met lagen verf.
Soms zetten ze hier en daar een kleine verftoets om een detail af te werken,
maar het doel was altijd: zo realistisch mogelijk schilderen.
En dan… verandert er iets.
We gaan even terug in de tijd.
De negentiende eeuw.
Wie weet wanneer die begint en eindigt?
Ja.
Van 1801 tot 1900.
In die periode beginnen kunstenaars anders te
denken.
Een schilderij moet niet meer exact tonen wat je ziet.
Het mag meer tonen wie die kunstenaar is en hoe hij beeld ervaart.
De kleuren mogen afwijken.
De manier van schilderen mag losser.
Die stroming noemen we het impressionisme.
Maar — dat is voor een volgende les.
Nu eerst een vraag.
Waarom zouden kunstenaars plots minder realistisch gaan schilderen?
Wat zou daar de reden van kunnen zijn?
…
De fotografie.
De fotografie wordt uitgevonden in 1826.
Voor het eerst kan de werkelijkheid vastgelegd worden
zonder dat iemand ze moet schilderen.
En kijk —
ik heb vandaag iets bij dat daarbij helpt.
Dit is een camera uit 1930.
Dat is ongeveer honderd jaar later.
Zo onthoud je het beter:
ongeveer 200 jaar geleden werd de eerste foto genomen,
door Nicéphore Niépce,
Joseph Nicéphore Niépce
View from the Window at Le Gras, c. 1826
Harry Ransom Humanities Research Center
The University of Texas at Austin
en een eeuw later konden mensen al thuis filmen —
maar alleen als je echt veel geld had.
Ik laat hem even zien…
en de handleiding mag zo meteen ook even rondgaan.
Als fotografie de werkelijkheid kan vastleggen,
dan moet schilderkunst dat niet meer doen.
En daaruit ontstaat iets nieuws.
Na het impressionisme komt het neo-impressionisme.
En één manier van werken binnen die stroming is het pointillisme.
Hier schildert men niet meer met lijnen.
Niet met vlakken.
Niet met schaduwen over elkaar.
Men schildert met punten.
Kleine, losse punten.
En pas vanop afstand zie je het beeld kloppen.
Die kunstenaars wilden eigenlijk iets doen dat
toen nog niet bestond:
een printer worden.
Want een printer werkt met maar een paar
kleuren.
Blauw.
Rood.
Geel.
Door die kleuren naast elkaar te zetten,
ontstaan alle andere kleuren.
En als je ze allemaal samenneemt,
krijg je zwart.
Dat noemen we CMYK:
Cyan, Magenta, Yellow en Black.
Jullie scherm werkt anders.
Dat werkt met licht.
Met RGB:
Red, Green en Blue.
Je scherm bestaat uit duizenden kleine pixels.
En eigenlijk doen die pixels exact hetzelfde
als de puntjes die kunstenaars toen schilderden.
En dat…
gaan wij vandaag ook proberen."

Elke pixel op je scherm bestaat eigenlijk uit drie deeltjes.
Rood, in het midden groen,blauw.
Achter je scherm zit wit licht.
Dat licht schijnt door de lichtbak van je computer of smartphone,
en de kleine filters van die LED-lampjes werken samen
zodat jij een beeld in kleur ziet.
Maar —
het blauw dat jij op je scherm ziet,
is niet noodzakelijk hetzelfde blauw
dat je printer als blauw begrijpt.
Daarom werken mensen die professioneel met
kleurprints bezig zijn
in speciale programma's.
Zo weten ze zeker dat,
wanneer er iets uit de printer komt,
ze niet plots voor onaangename verrassingen staan.
Maar nu terug naar onze schilders.
De pointillisten.
Nadat ze met hun trage manier van schilderen
ingehaald werden door die bijna magische camera,
stelden ze zichzelf een belangrijke vraag:
Hoe kunnen wij het halen van die technologie?
Wat hebben wij nog
dat die verdomde camera toen nog niet had?
…
Juist.
Kleur.
Fotografie was toen zwart-wit.
Snel.
Overal aanwezig.
En dus begonnen schilders zich te verdiepen in
kleur.
Niet zomaar kleur,
maar hoe kleuren naast elkaar werken,
hoe ze beginnen trillen,
hoe ze sprankelen.
Ze wilden schilderijen maken
die zo levendig en bruisend waren
dat ze die zwart-witte beelden,
die overal begonnen op te duiken
en zo verschrikkelijk snel gemaakt konden worden,
te slim af waren.
Sommige kunstenaars begonnen verf
recht uit de tube
in kleine streepjes naast elkaar te zetten.
Dat noemen we Divisionisme.
Dat ging al iets sneller.
Andere kunstenaars gingen nóg verder.
Zij zetten kleine puntjes
naast elkaar.
Dat was het pointillisme.
Dat ging extreem traag.
Aan sommige schilderijen
werkten kunstenaars jarenlang.
Ik toon jullie enkele voorbeelden.
Dit is puur pointillisme:







+ VOORBEELDEN VAN HEDENDAAGS POINTILLISME
Modern Pointillisme LINK